Net uit de boot: Bart van Brakel

Net uit de boot: Bart van Brakel

In de nieuwe rubriek ‘net uit de boot’ interviewen we elke maand een roeier die net een training heeft gehad bij het roeicentrum Berlagebrug.

Wil je jezelf even voorstellen?

“Ik ben Bart van Brakel, ik ben 66 jaar oud en ik werk op dit moment niet meer. Ik heb heel lang in het bijzondere onderwijs gewerkt voor blinde, slechtziende maar ook voor dubbelgehandicapte leerlingen. En ik ben zelf ook slechtziend: ik zie met 1 oog 16% met het rechteroog, en het linkeroog is blind. Voor de rest ben ik sportfanaat, voor zover dat mogelijk is met een slecht oog.”

Wat doe je nu in het dagelijks leven?

“Sporten!” (Lachend)

Alleen maar sporten? Elke dag weer?

“Ja, eigenlijk wel ja. Ik probeer normaal 6 keer in de week maar het is ook wel eens dat het elke dag is. En wat ik doe is: fitness, hier vlakbij, en dat is 3 keer in de week. Ik loop hard, 2 keer in de week, de ene keer 5 kilometer en de andere keer 10 kilometer in het Westerpark en Oosterpark. En ik roei dan 1 keer in de week op de seniorenochtend op woensdag.”

Wat hebben jullie vandaag gedaan tijdens de les?

“We hebben geroeid met Caitlin, die kennen we al, en zij heeft eerst gekeken wat onze vorderingen waren (zij heeft ons vorig jaar ook al gecoacht), en waar de leerpunten lagen.”

Wat hebben jullie het afgelopen jaar geleerd?

“Wij roeien wat krachtiger, merken wij omdat wij harder gaan. En onze techniek is in de kleine puntjes verbeterd. We roeien gelijkmatiger, dus rijden niet te snel meer op, dat doen wij beter. Onze houding is beter, en de haal maken wij goed af. Wij roeien momenteel met zijn drieën in de C4, we zijn alle drie in onze boot slechtziend, en zoeken nog naar een vierde partner.

Heb je ook geroeid voordat je bij Roeicentrum Berlagebrug ging roeien?

“Ik heb een keer eerder bij Berlage geroeid, en ik weet niet meer precies hoe lang geleden dat is geweest. En nu roei ik in maart 4 jaar bij het Roeicentrum!”

Waarom heb je juist ook voor het roeien gekozen? Wat maakt roeien voor jou bijzonder?

“Nou ik zag het altijd op tv met Olympische Spelen of WK’s en ik vond het gewoon een prachtige sport omdat je in zo’n smalle boot zit, en ze verschrikkelijk hard gaan en goed samenwerken. Ik ben eigenlijk een individuele sporter, maar zo’n boot leek mij gewoon kicken. Ik heb het wel eens in de sportschool gedaan, vind ik helemaal niets. Dat is nep. Maar op het water vind ik het een uitdaging en ik vind het prachtig uitzien. Visueel, beetje raar dat ik dat zeg, maar ik kon vroeger veel meer zien en toen vond ik dat altijd prachtig er uit zien. Ik heb ook wel eens een documentaire gezien van roeiers die oefenen en trainen, ik had het zelf ook wel willen doen. En nu dat ik de gelegenheid kreeg, qua tijd en dat ik dichtbij een roeivereniging woon, dacht ik ‘ik ga het gewoon nu doen ook’!”

 

Dank je wel Bart!

Belgische roeibond: tweeënhalfduizend leden en geen geld

Belgische roeibond: tweeënhalfduizend leden en geen geld

België is geen groot roeiland. Met twee en een half duizend leden past de roeibond KBR/FRBA met gemak twaalf keer in de KNRB. Toch is de organisatie vanwege de Belgische bestuursstructuur erg complex. En dan is er nog dat verdriet om die twee topploegen waarvan er maar één naar Rio mocht.

Op het Olympisch Kwalificatietoernooi in 2016 plaatsten zich twee Belgische boten voor Rio: skiffeur Hannes Obreno en de lichte dubbeltwee met Tim Brys en Niels van Zandweghe. België mocht echter maar één boot afvaardigen omdat vanwege de mondialisering van de roeisport ook kleine roeilanden een kans moesten krijgen. De Belgische roeibond was gedwongen een hartverscheurend oordeel te vellen en gaf uiteindelijk Obreno het startbewijs. Het drama werd helemaal bitter toen bleek dat de plaats van de lichte dubbeltwee toeviel toe aan de verliezende finalist, Denemarken, dat al met vijf boten naar de Olympische Spelen mocht. 

Voor Gwenda Stevens (52), voorzitter van de Koninklijke Belgische Roeibond, was deze gebeurtenis een zwarte periode in haar voorzitterschap. Ze krijgt tranen in de ogen wanneer ze erover spreekt. “Het was een nachtmerrie, ik word er nog emotioneel van als ik eraan denk. Je zag die jongens zó teleurgesteld, ik had echt hartzeer. De druk was enorm: Roeibond, doe iets! Nog steeds hoor je zo hier en daar de kritiek. Maar het bestuur en ik weten wat we er allemaal voor gedaan hebben.” 

Praten als Brugman tot in de hoogste FISA-regionen wierp geen vruchten af. De Deense bond stond al met advocaten klaar, zou de FISA een andere beslissing nemen. Werd de Belgische bond overvallen door de regel? Niet door de regel maar wel door de plaatsing van zowel de skiff als de lichte dubbeltwee. 

Politieke structuur 
Leren van ervaring en volhouden zijn eigenschappen die Stevens als voorzitter van de Belgische Roeibond hard nodig heeft. Want de structuur van de Koninklijke Belgische Roeibond (KBR), ofwel Fédération Royale Belge d’Aviron (FRBA), is uiterst complex. De bond is de koepelorganisatie waaronder de Vlaamse Roeiliga (VRL) en de Ligue Francophone d’Aviron (LFA) ressorteren, die worden gefinancierd door de Vlaamse en Waalse gouvernementen. Stevens: “De politieke structuur is erg nadelig voor ons. De Bond zelf heeft helemaal geen geld, dat zit bij de liga’s. Wij hebben de medailles voor het Belgisch kampioenschap moeten kopen van het geld van boetes die we hebben geïnd van roeiers die overtredingen begingen. De roeiers zijn geneigd niet naar de Bond, maar naar hun liga te kijken. Daar zijn de faciliteiten. Dat is frustrerend, voor mij persoonlijk ook. Vooral omdat ik vind dat we als Bond niet genoeg voor de roeiers kunnen doen.” 

De politieke en culturele verdeeldheid zijn des te nadeliger omdat de Belgische roeigemeenschap niet erg groot is. Aan de Waalse kant zijn er 875 roeilicenties en aan de Vlaamse kant ongeveer 1650. Het voor Nederland typische studentenroeien bestaat in België nauwelijks, althans niet in de vorm van zelfstandige studentenroeiverenigingen. Het aantal verenigingen is beperkt en studentenroeiers vinden onderdak bij de bestaande verenigingen. Stap voor stap probeert de Roeibond vooruitgang te boeken. Een andere beperkende factor is de geringe beschikbaarheid van roeiwater. En omdat verzekeringen verplichten dat elke boot op het water een begeleider op de wal heeft, is roeien ook nog eens arbeidsintensief. 

Talenten 
Stevens laat zich echter niet ontmoedigen. De Belgische Roeibond is nog altijd de belangrijke schakel tussen de twee liga’s en het nationale en internationale roeien. Met goedkeuring van de beide gouvernementen heeft de Bond een hoofdcoach in dienst die de nationale ploeg op de roeibaan Hazewinkel begeleidt. Op de niveaus daaronder hebben de liga’s hun eigen coaches. 

Door op verschillende bestuurlijke niveaus te acteren zet Stevens het roeien nationaal en internationaal op de kaart en werkt ze aan de verbetering van klimaat voor de roeiers. “Mijn hartstocht gaat uit naar de roeisport zelf. Als ondervoorzitter van de Koninklijke Roeivereniging Sport Gent en in de functie van kamprechter sta ik altijd dichtbij of op het vlot. Ik wil er zijn voor de mensen. Ik ben geen bestuurder die alleen op de tribune gaat zitten. Ik wil zien wat er in het veld gebeurt.” 

Werk aan de winkel genoeg in België. Een van de initiatieven van Stevens is de jeugdstage voor 13- en 14-jarigen. Alle clubs worden hiervoor uitgenodigd. “Ik ben er niet voor om er bij de jeugd al talenten uit te pikken. Daarvoor vind ik ze nog te jong. De minder sterke kinderen en de kinderen die nog geen groeispurt hebben meegemaakt verlies je daarmee. En de talenten die je selecteert gaan zich al te vroeg oppervoelen. Ook heb je te maken met een veranderende mentaliteit. Kinderen en ouders accepteren geen afwijzing meer, zoals de Oostenrijkse roeibond op het FISA-congres in Berlijn naar voren bracht. Selecties leiden daar soms tot een ganse hetze.” 

Belgie roeibond2

© Merijn Soeters – www.merijnsoeters.com

Competitie 
De clubs vormen het fundament van de roeisport. Daar mag wat Stevens betreft wel wat meer beweging in komen. “Zij moeten de roeiers en roeisters stimuleren. We hebben jarenlang gehad, dat roeiers zich niet meer inschrijven als er een kampioen is die jaren achtereen wint, zoals Eveline Peleman (wereldkampioene lichte skiff 2014, inmiddels als international gestopt, red.). Ik denk wel eens dat we teveel op onze lauweren rusten, te lang blij zijn met een kampioen. Als je wilt dat je jonge roeiers doorstromen van nationaal naar internationaal, dan moet je de opvolgers al hebben klaarstaan. Bij te geringe competitie worden de wedstrijden saai en komt er niemand kijken. Maar ja, ook dat moeten de clubs zelf stimuleren. Laat die ook voor toeschouwers zorgen, zodat een roeiwedstrijd weer een evenement wordt. Daar moeten we allemaal keihard aan werken.” 

Stevens ziet geen heil in de pogingen van sommige landen om het aantal leden van de Roeibond te vergroten door ergometerroeiers licenties te geven: “De kern van onze mooie sport moet je niet laten verwateren. Dat mensen die in de fitnesszaal op ‘iets’gaan zitten en dan zeggen: ik heb vandaag geroeid – daar heb ik mijn twijfels over.” 

Een van de doelen van de roeibond is de Belgische kampioenschappen attractiever maken. Komend jaar april wordt samen met de Antwerpse clubs het Belgisch Kampioenschap (BK) korte boten georganiseerd – in Nederland noemen we dat kleine nummers. In september is er het het BK voor de lange boten in samenwerking met Brussel. Om evoor te zorgen dat er voldoende competitie is, zijn er nummers geschrapt, waaronder de mannen 4+ en 2+. Een nieuw nummer is de mixed dubbelvier voor junioren en senioren. Kleinere clubs zijn daarmee eerder in staat om roeiers af te vaardigen naar het kampioenschap lange boten. De roeisters en roeiers die dit jaar in de A- of B-finales uitkwamen krijgen een feestelijke huldiging. Stevens: “Zo ben ik begonnen met het een beetje leuker te maken.” 

Logo’s 
Stevens omschrijft haar rol als die van moderator naar de beide liga’s toe. Het lijkt een detail, maar ook de kwestie van de logo’s op het roeipakje past in haar aanpak. “De bond had een oubollig logo, waaraan je niet eens kon zien dat het over roeien ging. Dat hebben we veranderd. Dan hadden de Waalse en Vlaamse liga ook nog elk hun eigen logo op het pakje. Denk niet dat een Waalse roeier met een Vlaams logo op zijn pakje ging roeien, of andersom. Dan was het hek van de dam. Nu hebben we een roeipakje met het nieuwe logo samen met de logo’s van beide liga’s. Ik beleg een paar keer per jaar een tripartite overleg tussen de bond en de liga’s. Dan breng ik ook kwesties als deze ter sprake en zeg: jongens, wat gaat ’t zijn?” 

Stevens is voor een tweede termijn herkozen tot 2021 en meer dan ooit gemotiveerd. “Ik ben ambitieus. Ik wil er iets van maken. Ik ben iemand die graag problemen aanboort om tot een oplossing te brengen. Die zijn voor mij een uitdaging. Roeien is mijn passie, ik ga ermee naar bed en sta ermee op.” 

Gaat het drama van Rio zich ooit herhalen? Stevens is daar beslist in: “Nee. Afgezien van de FISA-regels hadden we er gewoon niet aan gedacht dat we met twee boten voor de medailles zouden gaan. Nu zeg ik: verdomd, jongens, we gaan wél voor de medailles.”

Gwenda Stevens (52) begon in 1977 met roeien bij de Brugse Trimm- en Roeiclub Brugge, en is sinds 1983 lid van Koninklijke Roeivereniging Sport Gent. Ze was ruim tien jaar wedstrijdroeister. Later haalde ze haar trainersdiploma en vervulde ze diverse trainersfuncties bij Sport Gent, met name voor de jeugd. Vanuit die rol was ze ook teammanager voor de Coupe de la Jeunesse en de WK onder 23. Ze is internationaal kamprechter en lid van de Executive Board voor de Coupe de la Jeunesse. Sinds 2004 maakt ze deel uit van het bestuur van de Koninklijke Belgische Roeibond, waarvan ze sinds 2013 voorzitter is. Ook is ze lid van de raad van bestuur van het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité.

De Razende Reporters: hard en spitsvondig commentaar

De Razende Reporters: hard en spitsvondig commentaar

Dit weekeinde vindt op de Amstel de Heineken Roeivierkamp plaats, met stip de meest spectaculaire roeiwedstrijd van het jaar. Eén van de bijzonderheden zijn de Razende Reporters, die het evenement jaarlijks van spitsvondig commentaar voorzien. Toprow sprak met de meest ervaren van het stel, Coen Eggenkamp.

Wat is nu precies de charme van de ‘Heineken’?
“Het meest bijzondere is dat het anders dan elke andere reguliere nationale roeiwedstrijd is. Daar zie je op een saaie, rechte tweekilometerbaan de ene race na de andere in ganzenpas voorbij komen. Hier gebeurt eigenlijk elk moment wel wat. Zo heeft elke afstand weer wat anders. Bij de sprint op het lastige water voor Nereus verliezen onervaren roeiers nog wel een riem. Op de langste afstand, de 5000 meter, starten de snelste ploegen als laatste. Los van het lastige parcours en de vele stuurfouten die worden gemaakt, zorgt dat voor veel spektakel. Er moet immers ook veel worden ingehaald. Bij bruggen komen vaak genoeg teveel ploegen voor te weinig gaten. Dat gaat natuurlijk fout.” 

Sinds hoe lang becommentariëren jullie de wedstrijden al?
“Voor zover ik weet waren de eerste reporters al bij de eerste editie in 1973. Toen waren we nog enkel op het clubhuis van het organiserende Nereus te horen. Na verloop van tijd werd het professioneler en hadden we voor één weekeinde een radiofrequentie. Nu zijn we al een aantal jaren ook via internet te beluisteren. Uiteindelijk hebben we met pijn in ons hart twee jaar terug afscheid genomen van de echte radio. Het werd te duur en vrijwel iedereen luisterde via internet.” 

Hoe zijn jullie zo befaamd geworden?
“Ik weet nog van mijn eigen roeitijd dat je echt zoveel mogelijk van commentaar mee wilde pakken. Je moet ook het geluk hebben met de mensen met wie je het doet. Doordat er wel doorstroom inzit, lukt het op een of andere manier altijd wel het niveau sterk te houden. Ondanks dat ik me soms ook wel eens afvraag of dat nog wel lukt. Het leukste is als je wat verschillende types hebt. Dus een mix tussen kenners van roeien en grapjassen, maar ook in karakters. In de auto die altijd meerijdt, vind ik het bijvoorbeeld altijd fijn iemand te hebben met iets meer afstand. Op het balkon wil je liefst meer snelle grappen hebben.” 

Bereiden jullie je goed voor?
“Nee, eigenlijk totaal niet, al loop ik zelf altijd wel even in de inschrijvingen door. Mensen verbazen zich daar soms ook wel over, maar geen enkele grap of conversatie is ingestudeerd. Daarvoor zijn we ook te chaotisch haha. We zien elkaar ook vaak pas zaterdagochtend voor het eerst. Behalve dan de jongens van de techniek. Hulde overigens voor hen, want voor hen zit er veel meer werk in en niemand ziet hen, want ze zitten binnen in een buco om onder andere te schakelen tussen auto en balkon. Een verschrikkelijke klus met zoveel haantjes die continu roepen dat ze meer ‘air-time’ willen hebben. Veel mensen hebben niet door hoeveel werk hier inzit.” 

Reporters coen eggenkamp

De kritiek is soms dat jullie vooral veel afzeiken?
“Dat is inderdaad altijd een punt van zorg. Het meest makkelijke is het roeien wat je voor je ziet af te kraken. Echter het is ook vaak wat de mensen het liefste willen horen. We spreken elkaar er ook geregeld op aan als een blok te negatief is geweest. De andere kant is dat we onszelf ook bepaald niet sparen. Het kan er onderling hard aan toe gaan, zelf krijg ik bijvoorbeeld altijd grappen over mijn leeftijd en mijn jonge vriendin. Moet kunnen.” 

Zijn jullie eigenlijk non-stop dronken?
“Haha die vraag krijgen we vaker. Maar nee bepaald niet. Sommigen zijn richting het einde van de dag wel flink aangeschoten, maar zelf drink ik vaak pas in de laatste blokken, anders houd ik zo’n heel weekend simpelweg niet vol. Maar het klopt wel dat je grappen soms beter worden als je meer gedronken hebt. Slechter kan ook.” 

Waarom zijn jullie niet ook bij andere wedstrijden te horen?
“Vooral omdat deze wedstrijd zich perfect leent voor leuk commentaar. Sommigen van ons doen het wel, maar als groep doen we het niet. We zijn ook vrijwel allemaal van Nereus en we vinden het ook wel mooi het daar enkel voor te gebruiken. Dan blijft het uniek. We moeten onszelf ook niet te serieus nemen, daar wordt het commentaar ook niet beter van.”

De Razende Reporters zijn het hele weekend te horen via onderstaande link:

Samenwerking Roei! en TopRow

Samenwerking Roei! en TopRow

Het blad Roei! en TopRow zijn een samenwerking aangegaan. TopRow publiceert vanaf nu met enige regelmaat artikelen die eerder in Roei! gestaan hebben. Sinds vijf jaar schrijft het blad Roei! over de roeisport. Het is een blad dat voor alle roeiers schrijft over alle vormen van roeien. Over toproeiers op wereldkampioenschappen, over toertochten, over de techniek van het roeien en over het plezier in de sport.

Er zijn in Nederland rond de vijfendertigduizend mensen die aan onze sport doen, bijna allemaal op een van de honderdveertig roeiverenigingen in het land.  In opkomst zijn ook het zeeroeien, het roeien in de Cornish pilot gig – een uit Cornwall afkomstige snelle zeewaardige zespersoons roeiboot – en het roeien in de lompere sloepen. Denk bijvoorbeeld aan de vier sloeproeiers van de Dutch Atlantic Four, die in januari de Talisker Whisky Atlantic Challenge wonnen. Ook daarover schrijft Roei!, zij het wat minder dan over de ‘gewone’ roeisport.

Roei! is opgezet door een groepje enthousiaste mensen dat vindt dat er een blad voor de roeiwereld moet zijn. Een blad op papier, dat leest lekker. Zes keer per jaar. De redactie is onafhankelijk van uitgeverijen en van de roeibond KNRB, maar we werken wel samen met de roeibond. Roei! brengt, zoals we zelf zeggen ‘nieuws met een lange adem’.

De verhalen uit eerdere nummers van Roei! die TopRow vanaf nu gaat publiceren zijn vooral achtergrondverhalen over roeiers en verenigingen en persoonlijke belevenissen. Daarmee hopen TopRow en Roei! je nog meer te laten zien hoe leuk roeien is. Ben je enthousiast over de sport, deel de verhalen – en neem een abonnement op Roei! – het kost maar 31 euro per jaar.

Bemanning van RoeiNed stapt over naar TopRow

Bemanning van RoeiNed stapt over naar TopRow

Het is je vast niet ontgaan, maar reeds lange tijd zijn er geen artikelen meer gepubliceerd op RoeiNed. Een website draaiende houden kost ontzettend veel tijd en moeite. Een lange tijd vonden we binnen de redactie mensen die bereid waren om RoeiNed hoog op hun prioriteitenlijst te zetten, om zo aan de verwachtingen en eisen van de lezers te voldoen. Binnen de redactie is het een komen en gaan van redactieleden en het afgelopen jaar werd het steeds moeilijker om gemotiveerde schrijvers te vinden die naast hun drukke leven ook nog de tijd vonden om interviews af te nemen en artikelen te schrijven. Dit heeft ons doen besluiten dat na jaren vol passie, treffers en missers, de website RoeiNed vanaf 31 december wordt opgeheven.
Is er dan geen plek meer voor een groep enthousiastelingen om artikelen te schrijven? Jawel, die mogelijkheid blijft er nog steeds, maar wel onder een ander concept. Onder de vleugels van TopRow, krijgen wij nog steeds de mogelijkheid om artikelen met de rest van Nederland te delen. RoeiNed.nl zal daarom verder gaan onder blog.toprow.com

 

Met vriendelijke groet,
Eveline Wouters en Jasper Smink
mede namens de RoeiNed redactie

Pin It on Pinterest